De Muziek der Sferen
Ga zitten, Jessica. Kijk hoe de vloer van de hemel
dik is ingelegd met patenen van helder goud.
Er is geen enkel hemellichaam die je aanschouwt
maar in zijn beweging zoals een engel zingt,
Nog steeds zingend bij de jong-ogige cherubijnen.
Zo'n harmonie zit in onsterfelijke zielen,
maar terwijl dit wazig gewaad van verval
ze dicht naderen, kunnen we het niet horen. (Shakespeare, uit Een Koopman in Venetië – 5.1.57)
Te midden van de huidige onrust en crises van de mensheid, en in schril contrast met onze dagelijkse ervaringen, lijkt het idee van zingende sterren of een wereldse harmonie misschien een naïeve droom. Is een Muziek der Sferen, in de loop van de tijd door vele culturen beschreven, niet slechts een illusie en een verlangen naar een utopie waarin harmonie heerst en het leven voorspelbaar is? Integendeel, de realisatie van een muzikaal geordend universum kan nog steeds een baken zijn voor iedereen die een diepere waarheid zoekt om een nieuwe verhouding tussen orde en chaos te onthullen, of in muzikale termen, tussen harmonie en dissonantie.
We kunnen veronderstellen dat de inspiratie voor alle aardse muziek, sacraal of profaan, deze Muziek der Sferen kan zijn, die, zoals sommigen suggereren, alleen door de ziel gehoord kan worden. Maar moet muziek daarom altijd zacht, harmonieus en vrij van dissonantie zijn? Dat lijkt niet zo, want zelfs in de vroege en klassieke muziek waren dissonanties altijd spanningspunten die nodig waren voor muzikale expressie, omdat ze een paar van tegenstellingen in klank vertegenwoordigden die onze ervaring verrijkten. Toch werden dissonanties lange tijd beschouwd als fenomenen die opgelost moesten worden. Dit was de basis van het harmonische systeem. Aan het einde van de negentiende eeuw stelde Schönberg echter voor dat muziek gebaseerd op dit systeem niet langer onze geest met het goddelijke kon verbinden omdat het te comfortabel en voorspelbaar was geworden. De mensheid had behoefte aan een emancipatie van de dissonantie als een waardevolle en onafhankelijke klank op zichzelf, een beginsel dat sindsdien in veel muziek is geïntegreerd.
We zouden kunnen concluderen dat dissonantie en chaos een oneindig potentieel in zich dragen om wezenlijk deel van de harmonie zelf te zijn. En het weefsel van elke ware utopie zou ook zulke elementen van chaos bevatten, waarbij de ontberingen van het leven worden gezien als kansen om te leren en te groeien. Hun bijdrage is niet om het leven chaotischer te maken, maar juist om het rijker en completer te maken. Het zijn stappen op het pad naar de liefde en naar een diepere verbinding met het goddelijke, net zoals het werk van Driehoeken erop gericht is de wereld van alle ervaringen te doordrenken met de wijsheid en liefde van het geestelijke koninkrijk. Dus, wanneer we ons de Muziek der Sferen voorstellen en misschien zelfs ervaren, laten we dan de dissonantie en haar integratie in een harmonie van de werkelijkheid verwelkomen.